leren uit het verleden.

Soms hebben mensen het gevoel dat het verleden zich herhaalt. Dat klopt niet, maar gelijkenissen met het verleden zijn er zeker wel. Denk maar aan de vele mensen die vandaag opnieuw het slachtoffer zijn van uitsluiting, discriminatie en geweld, de schrijnende beelden van mensen op de vlucht voor oorlog en terreur, de opkomst van autoritaire regimes die de democratische rechtsstaat ondermijnen en bevolkingsgroepen tegen elkaar opzetten door middel van een uitgekiende propaganda, … Het zijn allemaal dingen die een déjà-vugevoel oproepen en tal van politici, journalisten en burgers vragen zich dan ook af of we niks kunnen leren uit het verleden. Maar dat is niet zo eenvoudig. Het verleden is complex en de lessen die het ons leert zijn dat ook. De geschiedenis biedt ons misschien geen kant-en-klare recepten voor het hier en nu, maar een studie van het verleden kan wel relevante vragen oproepen over de wereld waar we vandaag in leven en de toekomst die we nastreven. Op deze pagina ontdek je hoe je met herinneringseducatie aan de slag kan gaan.

basisprincipes.

Om op een kwaliteitsvolle manier te leren uit het verleden, zijn er enkele basisprincipes waar je best rekening mee houdt. Elk herinneringseducatief project zou drie pijlers moeten bevatten:

  1. kennis en inzicht;
  2. empathie en betrokkenheid;
  3. reflectie en actie.

In een ideaal scenario vertrek je bij herinneringseducatie altijd vanuit een grondige studie van een historische context, gebaseerd op een divers en meerstemmig palet aan primaire bronnen en secundaire literatuur, telkens gekoppeld aan een analyse van de tijdloze en universele processen en mechanismen. Het helpt de doelgroep om een goed inzicht te krijgen in de geschiedenis, de gelijkenissen en verschillen met vroeger en nu te duiden en te begrijpen hoe gebeurtenissen zoals oorlog, genocide of andere misdaden tegen de menselijkheid tot stand kunnen komen.

Tegelijkertijd werk je aan historische empathie. Dit heeft niets te maken met het opwekken van gevoelens van medelijden of inleving, maar het is een vorm van historische perspectiefname waarbij je de doelgroep confronteert met persoonlijke verhalen (zowel van slachtoffers, daders, redders en omstanders). Deze verhalen maken de geschiedenis tastbaar en kunnen ons vanuit een emotionele connectie stimuleren om meer te leren over het verleden.

Tot slot reflecteer je met de doelgroep over de betekenis van dit verleden in het hier en nu. Welke lessen halen zij zelf uit de geschiedenis? Hoe herkennen zij bepaalde processen en mechanismen zoals uitsluiting en discriminatie vandaag de dag? En hoe willen ze die inzichten vertalen naar hun eigen leven? Hoe kunnen ze dit alles omzetten in zinvolle acties die bijdragen aan een respectvolle samenleving en een meer rechtvaardige wereld waar geen plaats is voor oorlog en geweld?

sleutelbegrippen.

kritische houding

Herinneringseducatie wil via historisch denken kritisch reflecteren over de actueel-maatschappelijke rol van geschiedenis en herinnering.

processen en mechanismen

Herinneringseducatie analyseert hoe bepaalde processen en mechanismen het handelen van mensen beïnvloeden in historische en actuele contexten.

multiperspectiviteit en meerstemmigheid

Bij herinneringseducatie moeten uiteenlopende stemmen en perspectieven aan bod komen. Het is dan ook belangrijk heel diverse bronnen aan te bieden en verschillende rollen te belichten.

positief toekomstbeeld

Herinneringseducatie hoeft niet steeds over de zwarte bladzijdes in de geschiedenisboeken te gaan. Leren over kleine en grote acties van solidariteit kan inspiratie bieden om bij te dragen aan een respectvolle samenleving.

geëngageerd wereldburgerschap

Herinneringseducatie wil jongeren aansporen om vanuit een oprechte betrokkenheid deel te nemen aan de democratische samenleving waar wij allen deel van uitmaken.

eindtermen.

In de Vlaamse onderwijscontext werd de term ‘herinneringseducatie’ voor het eerst opgenomen in de geactualiseerde vakoverschrijdende eindtermen van 2010 (‘als middel om vanuit een leerzaam omzien naar negatieve en positieve gebeurtenissen uit het eigen verleden en dat van samenlevingen elders in Europa of de wereld, te leren hoe het met de samenleving verder moet’). Aan deze VOET was geen resultaatsverbintenis gekoppeld, maar het vroeg van alle leerkrachten in het secundair onderwijs wel een inspanningsverplichting.

En voor herinneringseducatie is die vakoverschrijdende aanpak wel belangrijk, want door het in verschillende vakken aan bod te laten komen verhoog je de duurzaamheid en kan je eenzelfde thema vanuit verrassende invalshoeken benaderen. Herinneringseducatie is dus zeker niet alleen iets voor het vak geschiedenis, maar ook andere vakken lenen zich hier perfect toe: gedrags- en cultuurwetenschappen, taalvakken, levensbeschouwelijke vakken, biologie, chemie, maatschappelijke vorming (MAVO), project algemene vakken (PAV), …

Maar vanaf 1 september 2019 veranderde er wel heel wat! Toen werden de nieuwe eindtermen voor de eerste graad A- en B-stroom geïntroduceerd. De voormalige VOET, waaronder die van herinneringseducatie, verdwenen en maakten plaats voor 16 sleutelcompetenties met (deels) transversale eindtermen. In dit nieuwe kader balanceert herinneringseducatie op het raakvlak tussen verschillende competenties, waaronder:

  • burgerschapscompetenties en competenties inzake samenleven;
  • competenties m.b.t. historisch bewustzijn;
  • competenties m.b.t. mediawijsheid.

In het basisonderwijs kunnen onderwijzers dan weer vooral aanknopingspunten vinden bij de ontwikkelingsdoelen gelinkt aan wereldoriëntatie en de sociale vaardigheden.

In dit filmpje geeft departementsmedewerker Ann Dejaeghere meer informatie over de plaats van herinneringseducatie in het Vlaams secundair onderwijs vanaf september 2019.

toetssteen.

Om jou alvast wat op weg te helpen, publiceerde het Bijzonder Comité voor Herinneringseducatie een brochure met tal van didactische suggesties en inspirerende voorbeelden.

Wist je trouwens dat de naam van onze toetssteen eigenlijk gebaseerd is op het gelijknamige instrument dat vroeger gebruikt werd door juweliers om te bepalen hoe zuiver het goud was? We vonden dit wel gepast, want onze brochure beoogt in zekere zin hetzelfde: een kwaliteitstoets, maar dan voor jouw les of schoolproject rond herinneringseducatie!

inspiratieboek.

Het Bijzonder Comité voor Herinneringseducatie heeft samen met het Vlaams Vredesinstituut en Kazerne Dossin, een boek samengesteld over de vele mogelijkheden van herinneringseducatie. In Vroeger gaat niet over vind je bijdragen van gerenommeerde historici, didactici en praktijkdeskundigen. Het is een boek vol inspiratie, met verhelderende toelichtingen, diepgravende focusteksten, didactische suggesties en praktijkvoorbeelden.

Veel aandacht gaat daarbij naar ‘dragers van herinneringen’. Games, films, strips of kunst brengen het verleden tastbaar in beeld. De talrijke voorbeelden vormen een aanzet om zelf te reflecteren en het verleden kritisch in een educatieve context te brengen.

over de auteurs.

Als hoofd van de dienst Publiekswerking in Kazerne Dossin, coördineerde Marjan Verplancke sinds 2008 het Bijzonder Comité voor Herinneringseducatie. Ze publiceerde verschillende artikels en bijdragen over de educatieve visie van Kazerne Dossin en over herinneringseducatie in het algemeen. Over die onderwerpen gaf ze ook regelmatig lezingen en workshops. Sinds juli 2020 is Marjan Verplancke werkzaam voor het Hannah Arendt Instituut, waar ze vormingen ontwikkelt rond diversiteit en burgerschap.

Ann Dejaeghere is beleidsmedewerker bij de Afdeling Horizontaal Beleid van het Ministerie van Onderwijs en Vorming. Zij is daar verantwoordelijk voor de beleidsvoorbereiding en -evaluatie met betrekking tot de vakoverschrijdende thema’s en kwaliteitszorg in onderwijs.

Simon Schepers studeerde in 2011 af als master geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen en behaalde daar in 2013 vervolgens ook zijn getuigschrift van de Specifieke Lerarenopleiding Geschiedenis. Sinds 2014 werkte hij als projectmedewerker bij het Bijzonder Comité voor Herinneringseducatie in Kazerne Dossin. In die hoedanigheid stond hij in voor de dagelijkse werking van het BCH. Vanaf juli 2020 nam hij het coördinatorschap van dit netwerk over van Marjan Verplancke.

Maarten Van Alstein is een senior onderzoeker bij het Vlaams Vredesinstituut, een onafhankelijke instelling voor vredesonderzoek bij het Vlaams Parlement. Hij is historicus en doctor in de politieke wetenschappen. In het Vredesinstituut verricht hij onderzoek naar herdenkingspolitiek, herinneringseducatie, vredesopvoeding en omgaan met conflict en controverse in de klas.